De interdisciplinaire werkgroep De Moderne Tijd (voorheen De 19de eeuw) organiseert op 15 december 2017 het jaarcongres Mens en dier. De omgang met dieren in de Lage Landen (1780-1940) in de Doelenzaal van de UBA Amsterdam. Een… lees verder…

Wat hebben een toneelstuk uit 1796, een tentoonstelling in het Rijksmuseum in 2020 en een avond in SPUI25 op 18 januari 2018 met elkaar gemeen? Ze gaan alle drie over de verbeelding van slavernij in de… lees verder…

Vilan van de Loo | 15 november 2017
De ploertige men

Het is waar wat mijn moeder altijd zegt: "Waar je mee omgaat, daar word je door besmet." Als biografe van Van Heutsz voel ik iets in mijn bloed komen van de opgewekte, confronterende en bij vlagen provocerende schrijvende generaal.

Dat ik tijdens een gesprek denk: weet je wat, ik ga er vol in.

Dat ik vrolijk scheldwoorden in ontvangst neem, in verband met de biografie die er nog lang niet is.

Want ja, die scheldwoorden zijn er ook, vooral via Facebook, de sociëteitstafel van onze tijd. Daar hoort men wat Van Heutsz classificeerde als "gewauwel", afkomstig van "de ploertige men".  Op zich zijn dit onschuldige woorden. Maar Van Heutsz schrijft ze neer in zinnen waarvan je hoopt dat ze nooit over jou zullen gaan:

 

"Kletspraatjes, lasterlijke aantijgingen waartoe ik reken te behooren alles wat gewoonlijk de onbekende ploertige men zegt of meent gehoord te hebben, moeten achterwege blijven."

 

Deze zin komt uit een brief daterend september 1908. Hij zit in het nauw vanwege vragen over eventuele begane wreedheden te Atjeh. Vragen die, vindt hij, gebaseerd zijn op kletspraatjes. Fake news. Toen al.

In mijn eerdere column over Van Heutsz schreef ik over mijn verlangen naar een volledige digitalisering en uitgave van de militaire brieven. Zover is het nog niet. Of optimischer gezegd, er is een beginnetje gemaakt. In de uitgave nota Geheim 1903 en de Atjeh-rel van 1908 staat de brief van Van Heutsz met alle bijlagen die hij in het snikhete Indië overpende. Het belangrijkste daarvan is het stuk van zijn vroegere adjudant H. Colijn. Hij staat met Van Heutsz op hetzelfde standpunt: bestel je soep, dan krijg je soep. Met balletjes. Wil je een koloniale oorlog, dan krijg je een koloniale oorlog. Met ontsporingen. Men moet realistisch zijn, vinden de mannen.

Lees het zelf, zo u wilt. De uitgave is nu te koop.......

november 2017
vrijdag 24 november, Koninklijke Bibliotheek Den Haag, zaal B/C
Colloquium over het bezoek van Willem de Clercq aan Sint Petersburg in 1816. Met o.a. Ineke Huysman en Ton van Kalmthout.
zaterdag 25 november, Tresoar, Boterhoek 1, Leeuwarden
Lezing met als titel 'Hoe wezenlijk is een universiteit voor een provincie? Reflecties vanuit de geschiedenis, in Fryslân en elders'.
dinsdag 28 november, Boekhandel Kooyker, Breestraat 89 , Leiden
Lezing naar aanleiding van het verschijnen van 'Via Appia. Met Horatius langs de koningin der wegen'.
woensdag 29 november, Sweelinckzaal 0.05, Universiteit Utrecht, Drift 21, Utrecht
Bijeenkomst ter gelegenheid van het laatste papieren nummer van Tijdschrift voor Biografie. Met o.a. Jaap Bos en Maaike Meijer.
donderdag 30 november, Vossiuszaal, Universiteitsbibliotheek, Witte Singel 26-27, Leiden
Met bijdragen van o.a. Jan Spoelder, Koen Rymenants en Ferdinand Mertens.
december 2017
vrijdag 8 december, Pieterskerk, Pieterskerkhof 1a, Leiden
46ste Huizingalezing door priester, kunsthistoricus en auteur Antoine Bodar, met als titel ‘Leven alsof God bestaat’.
zaterdag 9 december, Centrale OBA, Oosterdoksstraat 110, Amsterdam
Met o.a. Koen Hilberdink over de relatie Reve-Polak, Hanneke Eggels en André Degen.
vrijdag 15 december, Doelenzaal, UBA, Singel 425, Amsterdam
Jaarcongres met als thema 'Mens en dier. De omgang met dieren in de Lage Landen (1780-1940)' Met o.a. Erik de Jong, Irena Kozmonová en Leen Dresen .
vrijdag 15 december, St. Bavokerk, Grote Markt, Haarlem
Zesde Bilderdijk-lezing: 'Het geheim van de klare lijn' door Joost Swarte.
januari 2018
donderdag 18 januari, Spui25, Spui 25-27, Amsterdam
Met o.a. Lieke van Deinsen, Eveline Sint Nicolaas, Sarah Adams en Mark Ponte.
toon in de agenda berichten van:
17e-eeuw

bekijk hier de uitgebreide agenda

heeft u informatie voor in de agenda? meld het de redactie
Nicolaas Beets  (1814-1903) studeerde theologie in Leiden. Hij werkte als predikant in Heemstede en in Utrecht, waar hij in 1875 benoemd werd tot hoogleraar in de kerkgeschiedenis en de christelijke ethiek. Reeds als student was hij actief als literair auteur. Hij publiceerde dichtverhalen als Jose (1834), Kuser (1835) en Guy de Vlaming (1837), maar het meest bekend werd hij met zijn Camera obscura (1839), een bundeling van prozastukken die met humor en in een moderne en levendige stijl zijn geschreven. Het werk kende vele herdrukken en werd regelmatig met nieuwe stukken uitgebreid. Beets’ poëzie, verzameld in vijf delen Dichtwerken (1876-1900), beslaat een periode van ruim zeventig jaar. In zijn gedichten beschreef hij niet alleen zijn eigen zielenroerselen en huiselijk leven maar bezong hij ook de actualiteit in binnen- en buitenland, van het aanleggen van de eerste waterleiding in Utrecht tot de Boerenoorlog in Zuid-Afrika. In 1911 schonk de familie 330 drukken met de werken van Beets en enige manuscripten aan de Bibliotheek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Het archief van Beets bleef aanvankelijk in de familie en raakte verspreid over meerdere personen. In 1966 en 1993 werden grote delen verkocht aan de MdNL, later gevolgd door enkele kleinere schenkingen uit de familie. Klik hier voor meer informatie over deze collectie (website UB Leiden, Bijzondere Collecties).
Zacharias Henric Alewijn (1742-1788) stamde uit een vermogende Amsterdamse regentenfamilie. Hij studeerde rechten in Utrecht en vervulde sinds 1768 verschillende ambten in het bestuur en de rechtspraak van zijn geboortestad. Al in zijn studententijd beoefende hij de Nederlandse dichtkunst; later raakt hij ook geïnteresseerd in de oudere taalfasen van het Nederlands. Hij beschikte over voldoende financiële middelen om zeldzame handschriften en oude drukken aan te schaffen. Alewijn was een actief lid van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, die hij in 1766 mee had helpen oprichten. Hij schreef verschillende taalkundige bijdragen voor de eerste serie Werken van de Maetschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden (1772-1788). De collectie werd in 1788, bij het overlijden van Alewijn, gelegateerd aan de MdNL. Klik hier voor meer informatie over deze collectie (website UB Leiden, Bijzondere Collecties).
Amsterdam telde in de Middeleeuwen 22 kloosters en tussen deze kloosters was het niet altijd pais en vree. Zo weigerde St. Maria Magdalena veertien Rijnse gulden aan St. Barbara te betalen voor de helft van de loden waterafvoerpijp tussen de twee kloosters. Het stadsbestuur greep in en sprak dreigende woorden. De nonnen schrokken zich dood en betaalden, Zij legden in 1463 ten overstaan van notaris Giisbertus Reyneri een getuigenis over het voorval af, op perkament, voorzien van zijn notarismerk en in het Latijn. De dreigende woorden van het stadsbestuur werden echter letterlijk geciteerd ‘in de volkstaal’. Dit document maakt nu onderdeel uit van de collecties van de MdNL. Klik hier voor meer informatie over dit topstuk (website UB Leiden, Bijzondere Collecties).
Dit portret van een zeer jeugdige André Jolles werd omstreeks 1883 getekend door de kunstenaar Jan Veth, op verzoek van zijn moeder, Jacoba Cornelia Jolles-Singels (die zelf ook door Veth is geportretteerd). Het kunstwerk werd tentoongesteld tijdens de expositie Een zweven over de tuinen van den geest. Leven en werk van Johan Huizinga in 1991/1992. Barbara Wackernagel-Jolles, dochter van André Jolles, schonk in 2013 dit portret aan de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Klik hier voor meer informatie over dit portret (website UB Leiden).
In Van den vos Reynaerde beschrijft de dertiende-eeuwse auteur Willem in gepaard rijmende verzen een klassiek conflict tussen macht en list. De canonisatie van Van den vos Reynaerde is evenwel pas in de loop van de negentiende eeuw ontstaan. Friedrich David Gräter (1768-1830) trof in de bibliotheek van Comburg een middeleeuws handschrift met Vlaamse teksten, waaronder Van den vos Reynaerde. In november 1812 verscheen deze tekst voor het eerst in druk . Het afgebeelde exemplaar maakte al vroeg deel uit de bibliotheek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Toch heeft de Reynaerteditie van Gräter in Nederland niet veel weerklank gevonden. Klik hier voor meer informatie over dit topstuk (website UB Leiden, Bijzondere Collecties).
Nicolaas Beets  (1814-1903) studeerde theologie in Leiden. Hij werkte als predikant in Heemstede en in Utrecht, waar hij in 1875 benoemd werd tot hoogleraar in de kerkgeschiedenis en de christelijke ethiek. Reeds als student was hij actief als literair auteur. Hij publiceerde dichtverhalen als Jose (1834), Kuser (1835) en Guy de Vlaming (1837), maar het meest bekend werd hij met zijn Camera obscura (1839), een bundeling van prozastukken die met humor en in een moderne en levendige stijl zijn geschreven. Het werk kende vele herdrukken en werd regelmatig met nieuwe stukken uitgebreid. Beets’ poëzie, verzameld in vijf delen Dichtwerken (1876-1900), beslaat een periode van ruim zeventig jaar. In zijn gedichten beschreef hij niet alleen zijn eigen zielenroerselen en huiselijk leven maar bezong hij ook de actualiteit in binnen- en buitenland, van het aanleggen van de eerste waterleiding in Utrecht tot de Boerenoorlog in Zuid-Afrika. In 1911 schonk de familie 330 drukken met de werken van Beets en enige manuscripten aan de Bibliotheek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Het archief van Beets bleef aanvankelijk in de familie en raakte verspreid over meerdere personen. In 1966 en 1993 werden grote delen verkocht aan de MdNL, later gevolgd door enkele kleinere schenkingen uit de familie. Klik hier voor meer informatie over deze collectie (website UB Leiden, Bijzondere Collecties).
Collectie Nicolaas Beets
Collectie Zacharias Henric Alewijn
Ruzie stadsbestuur Amsterdam en het St. Maria Magdalena-klooster
Portret André Jolles door Jan Veth
Reynaerteditie van Gräter (1812)
Collectie Nicolaas Beets